Spankettingen; waar moet je op letten?

sjorketting

Bron: RUD

Spankettingen en spanners gebruik je voor het veilig zekeren van zware ladingen en worden ook wel sjorkettingen, kettingspanners of sjorspanners genoemd. Ze zijn verkrijgbaar in verschillende soorten, kwaliteiten en prijzen. Iedere lading is anders en vraagt om maatwerk. Maar waar moet je nu op letten bij aanschaf en gebruik van een spanketting? Wat staat er over sjorkettingen vastgelegd in de EN 12195-3 norm? En kun je er van uitgaan dat de kwaliteit van een sjorketting goed is, als de producent aangeeft dat deze gemaakt zijn volgends de normering? Onze ladingzekering specialist Niels Bouwmeester geeft uitleg in zijn nieuwe blog.

Wat zegt de EN 12195-3 norm over spankettingen?

In de EN 12195-3 norm zijn de vastzetvoorzieningen voor spankettingen voor lading op wegvoertuigen vastgelegd. Hieronder leg ik uit wat dit inhoud.

Markering 

Wanneer je spankettingen gebruikt om lading mee vast te zetten moeten deze volgens de EN 12195-3 norm gemarkeerd zijn met een metalen plaatje (tag) voorzien van de volgende informatie;

  • de sjorcapaciteit (LC) in kiloNewton;
  • de standaard spankracht STF in (decaNewtons) waarvoor het ontworpen is;
  • voor multifunctionele rateltakels: aanduiding van de maximale handbedieningskracht om WLL te bereiken;
  • het soort sjorren;
  • een waarschuwing: “Niet om mee te hijsen”; uitgesloten multifunctionele rateltakels.
  • de naam of het symbool van de fabrikant of leverancier;
  • traceerbaarheidscode van de fabrikant;
  • Europese norm, EN 12195-3.
  • spanners moeten zijn gemarkeerd met de naam of het symbool van de fabrikant of leverancier.

Certificaat producent

Elke sjorketting of set sjorkettingen moet zijn voorzien van een gedateerd certificaat, waarin staat dat het product voldoet aan de EN 12195-3. Ook moet het certificaat  ten minste de volgende informatie bevatten:

  • de naam van de fabrikant of leverancier van de sjorketting inclusief datum van afgifte van het certificaat en handtekening;
  • nummer en deel van de Europese norm: EN 12195-3;
  • identificatienummer of symbool van de sjorketting;
  • een beschrijving van de sjorketting, inclusief een lijst van alle onderdelen;
  • de nominale maat van de ketting en klasse aanduiding;
  • de nominale maat (code nr.) en klasse aanduiding van de onderdelen voor verschillende typen;
  • nominale lengte;
  • sjorcapaciteit (LC).

In de praktijk kom ik bovenstaande opgesomde informatie te weinig of helemaal niet tegen. Dit is naar mijn idee onacceptabel en zeer onverantwoord. Hier moet eigenlijk tegen worden opgetreden. De EN 12195-3 norm staat in de richtlijn 2014/47 (technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die in de Europese uni aan het verkeer deelnemen). Hierin is een geldig certificaat op sjorgereedschap net zo belangrijk als een opbouw certificaat EN 12642 (XL), waar vaak wel naar gekeken wordt.

Ander voorbeeld: op een spanband is een label (veelal blauw, wat staat voor het materiaal waarmee het geproduceerd is PES) nagenoeg de heilige graal, maar bij sjorkettingen en toebehoren gaat men vaak optisch uit van de kracht van het materiaal. Terwijl de EN 12195-3 voorschrijft dat elke sjorketting gemarkeerd moet worden met een metalen label met de daarbij behorende informatie.

Spankettingen en CE markering?

Sjormiddelen en sjorgereedschappen vallen niet onder de CE-markering machinerichtlijn (2006/42/EG). Toch kom ik in de praktijk regelmatig sjorkettingen tegen, die voorzien zijn van een CE markering. Hoe verhoudt deze CE markering zich tot de EN 12195-3 normering? Zorgt een CE markering bij een jaarlijkse keuring van de sjorketting voor afkeuring, omdat het niet volgens de normering is? De spanner en/of ketting wordt er niet minder sterk door.

Inspecteren en / of keuren van een sjorkettingsysteem

Eens per jaar dien je een sjorkettingsysteem te laten inspecteren. Een NDO (niet-destructief onderzoek) is niet van toepassing op sjorkettingen en toebehoren. Sjormiddelen worden niet herbeproefd.

In het arbeidsomstandighedenbesluit, artikel 7.4a keuringen, staat de volgende opsommingen;

  • Een arbeidsmiddel waarvan de veiligheid afhangt van de wijze van installatie wordt na de installatie en voordat het voor de eerste maal in gebruik wordt genomen gekeurd op de juiste wijze van installatie en goed en veilig functioneren.
  • Een arbeidsmiddel als bedoeld in het eerste lid, wordt voorts na elke montage op een nieuwe locatie of een nieuwe plek gekeurd op de juiste wijze van installatie en goed en veilig functioneren.
  • Een arbeidsmiddel dat onderhevig is aan invloeden die leiden tot verslechteringen welke aanleiding kunnen geven tot het ontstaan van gevaarlijke situaties wordt, zo dikwijls dit ter waarborging van de goede staat noodzakelijk is, gekeurd, waarbij het zo nodig wordt beproefd.
  • Een arbeidsmiddel als bedoeld in het derde lid wordt voorts gekeurd, waarbij het zo nodig wordt beproefd, telkens wanneer zich uitzonderlijke gebeurtenissen hebben voorgedaan die schadelijke gevolgen kunnen hebben voor de veiligheid van het arbeidsmiddel. Als uitzonderlijke gebeurtenissen worden in ieder geval aangemerkt: natuurverschijnselen, veranderingen aan het arbeidsmiddel, ongevallen met het arbeidsmiddel en langdurige buitengebruikstelling van het arbeidsmiddel.

Keuringen worden uitgevoerd door een deskundig natuurlijk persoon, rechtspersoon of instelling.

Keuren door een deskundige

De werkgever mag zelf bepalen door wie hij zijn arbeidsmiddelen laat keuren. Voorwaarde daarbij is wel dat dit door een deskundige natuurlijke persoon, rechtspersoon of instelling (artikel 7.4a, vijfde lid) gebeurd.

De definitie van de ‘deskundig’ is discutabel en kan voor iedereen anders zijn. Vaak worden de keuringen aangeboden door een keurmeester die zich in de wereld van het hijsen begeeft. De veiligheidseisen, belastingen en optredende G krachten zijn bij een sjorketting echter wel anders dan bij een hijsketting. Een sjorketting kan namelijk veel dichter bij de vloeigrens komen, omdat er een andere veiligheidsfactor (1:2) in zit. Ook kunnen de piekbelastingen bij het zekeren van lading veel hoger zijn dan bij het hijsen.

De wijze van keuren is afhankelijk van wat de producent voorschrijft. Het is dus noodzakelijk om te weten wie de fabrikant is. Veel producten worden geïmporteerd vanuit buiten de EU. De aansprakelijkheid ligt dan bij de partij die de goederen importeert. Deze partij moet een keuringsvoorschrift kunnen overhandigen. In de praktijk is dit helaas vaak niet het geval, omdat de fabrikant het simpelweg niet heeft. Met alle gevolgen van dien.

Het keuren hoeft dus niet wettelijk door een keurmeester gedaan te worden, maar door een ‘deskundige’. Je kunt hier dus zelf een draai aan geven, maar het lijkt mij meer dan verstandig om dit door een professional te laten doen die voldoende kennis van de materie heeft.

Wat wordt er gekeurd?

– Visueel onderzoek op slijtage, scheuren, vervormingen en intering (putroest)

– Volledigheid, leesbaarheid van het identificatie label

– Vergelijk de gemeten waarden met de nominale afmetingen van de fabrikant

– Functionele test

Deze inspectie dient gedocumenteerd te worden. In geval van twijfel moet het betreffende sjormiddel buiten gebruik worden gesteld. Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en operationele factoren, waardoor de sjormiddelen ‘extra’ slijten, kunnen tussen de jaarlijkse inspecties, extra inspecties door een deskundige nodig zijn.

Wanneer worden spankettingen afgekeurd?

Als sjorkettingen tekenen van schade vertonen worden ze buiten gebruik gesteld en/of teruggestuurd naar de fabrikant voor reparatie. Onder tekenen van schade verstaan we:

  • voor kettingen: oppervlakkige scheuren, rek groter dan 3 %, slijtage groter dan 10 % van de nominale diameter, zichtbare vervormingen.
  • voor aansluiting componenten en spaninrichtingen: vervormingen, spleten, uitgesproken tekenen van slijtage, tekenen van corrosie.

Reparatie van spankettingen

Alleen geschoold personeel (met de nodige kennis en ervaring) mag reparatiewerkzaamheden uitvoeren. Na reparatiewerkzaamheden dienen de oorspronkelijke eigenschappen van het sjormiddel hersteld te zijn. Het uitwisselen van verschillende haken is dus niet toegestaan.

De onderdelen van een spankettingsysteem

De haak van de spanketting

sjorketting-certificaat-EN 12195-3

Bron: RUD

Zoals je in bovenstaande afbeelding kunt zien, staat er bij ‘connecting device’ dat er een beveiliging op de haak van de sjorketting moet zitten. In de EN 12195-3 normering staat dat dit een verplichting is (refererend aan de 1677-2 voor het hijsen).

“Connecting and shortening components shall have a securing device against working loose.”

Dit geldt ook als je de sjorketting gebruikt voor het zekeren van lading. Best bijzonder dat bij een directe zekering van een lading met kettingwerk er een vergrendeling op de haak moet zitten, terwijl dit met spanbanden niet nodig is.

Bij het zekeren van lading met sjorkettingen op een voertuig zonder sjorogen gaat het dan ook vaak fout. Zoals je op onderstaande praktijkafbeelding ziet wordt de haak van de sjorketting in het gatenpatroon van de kantbalk gestopt. Hierbij is de haak van de ketting (omdat de vergrendeling niet sluit of er simpelweg niet op zit) of het voertuig is ongeschikt. Ook het aan de kantbalk (zonder vastzetpunten) aanhaken met een kettinghaak is niet toegestaan, omdat ook hier (onder andere) de vergrendeling niet voldoet. Daarnaast creëer je puntbelasting op de haak, waardoor deze mogelijk schade oploopt. Uiteindelijk kan de zekering of methode (met of zonder vergrendeling op een haak) wel werken, maar voldoet het sjormiddel niet aan de bijbehorende normering.

ladingzekering-kettinghaak

Borgpen inkorthaak

Volgens velen is een borgpen bij een inkorthaak (zie onderstaande linkse afbeelding) een verplichting. Maar dit is alleen het geval wanneer de diepte van de kettingschalm kleiner is dan 5x de diameter en er geen radius in zit of de haak niet beveiligd is door een geschikte vormgeving.

Bij veel producenten zit er dus een borgpen op de inkorthaak. Wanneer je een borgpen op je inkorthaak hebt zitten of de borgpen heeft er gezeten, zal deze altijd moeten functioneren. In de praktijk is de levensduur van de borgpen vrij kort. Wanneer de borgpen niet aanwezig is, mag het sjorsysteem ook niet worden gebruikt. Er zijn fabrikanten die de radius van de haak zo ontworpen hebben, dat de ketting altijd in de inkorthaak geborgd blijft en een borgpen dus geen verplichting is (zie afbeelding rechts)!

kettinghaken-sjorkettingen

Bron: RUD

De ketting

Volgens de normering EN12195-3 mag de ketting alleen bestaan uit kortschalmig kettingwerk met een minimale Grade 8. Verder mag een kortschalmige ketting maximaal 3x de diameter zijn.

Kortschalmige ketting

Bron: RUD

Kettingspanners

Er zijn diverse fabrikanten die open kettingspanners hebben ontwikkeld, waardoor vuil en vocht niet meer ophopen. Het voordeel hiervan is dat je zicht op de spindels hebt en ze eenvoudig te onderhouden zijn.

Gemixte samenstellingen kettingsysteem

Wanneer een onafhankelijke keurmeester een certificaat voor een kettingsysteem afgeeft dat samengesteld is uit onderdelen van verschillende producenten, zal geen enkele fabrikant de verantwoordelijkheid voor het samengestelde ‘nieuwe’ product nemen.

Ondanks dat bijna alle producenten van sjorsystemen een EN 12195-3 certificering op hun producten aanbrengen, zitten er zeer grote verschillen in de kwaliteit. Ook zijn er wellicht varianten die überhaupt niet voldoen aan de normering. Met name de identificatieplicht, de kwaliteit van het gekozen staal en de nauwkeurigheid van de warmtebehandeling zijn doorslaggevend voor de sterkte/broosheid van het systeem, conform normering.

Een specialistische training lading zekeren kan uitkomst bieden.

Veel veilige kilometers gewenst!

MEER INFORMATIE OVER LADING ZEKEREN?

Niels Bouwmeester

Niels Bouwmeester

Kijk voor oplossingen en producten op onze ladingzekering pagina en ga voor een specialistische training ladingzekering naar cargocoaching. Natuurlijk kun je ook direct contact met mij opnemen via 06 – 53 32 95 23.

Elke maand schrijf ik een blog over actuele ladingzekering onderwerpen. Wil je deze blogs per mail ontvangen? Schrijf je dan in voor de ladingzekering e-mailing.

1
UP
Heb je een vraag?
Bel 023 – 554 67 66
App +31 (0) 6 135 582 70
of ga naar contactformulier